30.3.11
29.3.11
dit, dat en hier
Dan zie ik dit en lees ik voor de zoveelste keer dat. Op enkele dagen. Ik bedenk. Noteer. Herhaal. Ja. Het gaat niet over middelmatige mensen. Ik weet het. Misschien daarom dat ik dan de vraag voel opkomen. Waar ben je mee bezig? Misschien is die vraag af en toe ook goed. Is dit het moment om te bevragen. Alleen. Het is zo lastig. En ik weet van hier dat wanneer Michael Borremans werken van Velasquez in het Prado ziet, hij 6 maand niet kan schilderen.
Ik moet dan gewoon ergens starten waar de draad is blijven liggen. Dat er van dit en dat en hier, daar in de hoogste toren, veel te leren valt. Dat het mag. Zalig is. Goed is.
Dat ik niet zonder kan.
Dat ik niet zonder kan.
28.3.11
langzaam
Buiten prachtige zon. Binnen warm binnenkomend licht. Genieten. Wil ik. Maar het hoofd is leeg. De handen volgen traag op wat moet gebeuren. Wil het wachten forceren. Lukt natuurlijk niet. Wil misschien te veel. Kan ook.
Het weekend was vol. Vol met volleybal. Dochterlief mocht een blitsinval doen bij de kadetten op zaterdag en zondag speelde ze met haar miniemenploeg - met nog twee wedstrijden te gaan- al kampioen! Je had het me twee jaar geleden niet moeten vertellen dat ik vanop een tribune zou zitten roepen. Jaaaaa! OOOH! Schoon. Mooi meiskes. Ach. Spijtig.... Ik had het nooit geloofd. De druk is er (gelukkig) een beetje af. De eer moeten ze nog even hoog houden. Ze hebben het toch al een beetje gevierd!
Gisteren de rust teruggevonden met Nigel Slater. Rustige kooktelevisie. De geuren komen bijna je eigen kamer binnen. Traag genieten. Ik zag hem gisteren heel poëtisch tijmblaadjes plukken om een gerecht wat bij te kruiden. Vandaag heb ik een pot tijm in de boodschappenkar gezet. 'Ach, wat ruikt die tijm heerlijk', zei de kassadame. Gelijk had ze. Maar ik rook meer. En straks trek ik me terug in de keuken. De studerende jeugd heeft een gezonde maaltijd nodig. Misschien komen mijn langzame bewegingen nog van pas. Zal ik wat tijm toevoegen?
26.3.11
25.3.11
24.3.11
verwondering
Ten huize kermisblauw is woensdag een dag in het teken van muziek en beeld. Kinderatelier voor mij. Celloles voor Florence. Zij heeft met een gelegenheidsensemble weken gewerkt aan 'Album für die Jugend' van R. Schumann. Gisteren was de uitvoering. Onderdeel van een 'Lof der zotheid'-leerlingenconcert. Het was genieten van een avond jong muziektalent. Piano, gitaar, woord, klarinet, dwarsfluit, zang, cello!
In het ontwerplaboratorium van het kinderatelier experimenteerden we met vorm. De nieuwe vorm bouwen we langzaam op met kleine overlappende stukken karton. We kregen bovendien atlierbezoek van een delegatie van het departement onderwijs in het kader van een studiedag. Creativiteit tussen vier muren. Kan je verwondering voelen?
Fierheid. Warmte. Passie. Verwondering. En ik kon met een gerust hart de slaap vinden.
23.3.11
hoog
Wakker worden met zalig vogelgezang. Buiten een blauwe hemel. Hoog in de boom, op licht heen en weer wiegende takken, een groep kauwen. Het verbaast me steeds dat de vogels de hoogste takken opzoeken. Gedurfd of een natuurlijke gewoonte? Hoe wankel het ook lijkt, daar hebben ze wel een ruim gezichtsveld.
De vernieuwingen in het DKO hebben positieve aandachtspunten, maar er rijzen ook heel veel vragen op. Er is nog heel wat denkwerk nodig om het ook realiseerbaar te maken. En geld. Ik wou dat ik net als die kauwen kon overzien. Dat ik het wat meer kon inschatten.
Bij wijze van afsluiting laat ik jullie genieten van twee vormstudies. Goesting en talent in een potloodtekening. Zaterdag getekend in het kinderatelier. Vandaag zijn we zelf vormgever en we spelen een spel met de grens van gebruiken en vormen. Een beeldontmoeting met Hella Jongerius kan nu toch niet ontbreken?
22.3.11
bakens
De Vlaamse minister voor onderwijs publiceerde begin maart zijn 'bakens voor hervorming deeltijds kunstonderwijs'. Er staat een grondige vernieuwing van dit onderwijsniveau voor de deur. Vandaag zitten we met de collega's samen om deze conceptnota te bekijken en hierover van gedachten te wisselen. We hopen op het einde van de dag ons standpunt te kunnen formuleren. Ik denk dat bepaalde punten zeer gevoelig liggen. Hoop dat er meer duidelijkheid zal komen.
21.3.11
huis
Iedere leerling kreeg een perceel toegewezen. Het ene al wat groter dan het ander. De afmetingen van het huis lagen vast. Ze konden enkel kiezen tussen een zadeldak of puntdak. De ruimte rond het huis mogen ze naar eigen smaak invullen. En dit is wat Alice ervan maakte. Ik zou hier wel kunnen leven en genieten! Eendjes voederen. De schaduw van een boom opzoeken. Uitgebreid ontbijten op het terras...
20.3.11
zin
Elk tijdperk heeft zijn helden en heldinnen. Als ik monumenten passeer lees ik hun namen. Ernest. Honoré. Marguerite... En ik denk. Hun leven was voorbij. Afgeknot. Voor onze vrijheid. Er zweeft dan ook het woord 'zinloos' door mijn hoofd. Misschien omdat er telkens zoveel namen staan. En velen ook naamloos stierven. Ik die tijd enkel uit getuigenissen en verhalen ken.
Sinds deze week besef ik dat de woorden held en zinloos niet samengaan. Dat de moed van enkelen onschatbaar waardevol is. Elk uur dat de werknemers van Fukushima werken aan een oplossing is zinvol. Respect.
In ons kleine dorp is het weer zondag. Gisteren speelden de meisjesminiemen opnieuw een prachtige volley-wedstrijd. Hun kampioenstitel ligt bijna voor het grijpen. Zaterdag was druk. Op zondag houden we het rustig. Misschien nog een vieruurtje bakken. Ideeën verder uitwerken.
Alice is de afgelopen dagen heel gedreven aan het werk voor school. Voor het vak technologie maakt ze een maquette van een huis en tuin. En dat geeft mij dan weer zo'n zonnig feestelijk gevoel!
18.3.11
gelijkenis
Ik kan kakelen als een kip. Soms koppig zijn als een ezel. Zet zo nu en dan een bokkenpruik op. Maak ezelsoren. Geniet soms van een hazenslaapje. Kijk de kat uit de boom. Ik heb de schaapjes nog niet op het droge. Voel me soms als een vis op het droge. Durf wel eens oude koeien uit de sloot te halen. Spring van de os op de ezel. Maar ja. Het beste paard kan ook wel eens struikelen.
17.3.11
een kunstenaar
Een foto. In zwart en wit. Een heer duwt met zijn rechterhand zijn grote ronde bril op het voorhoofd. Hij kijkt naar een vaas en drie flessen die voor hem op de tafel staan. Hij heeft een huis met kamers. Eén kamer heeft rekken met flessen, kommen, vazen. Ze werden nooit afgestoft. Nooit. Hij bracht ze naar zijn atelier. Plaatste ze naast elkaar. Verplaatste één object. Schilderde opnieuw. Tekende. Op zijn tafel markeerde hij telkens met potlood de plaats van het voorwerp.
Hij was een vliegenier. Nee. Een uitvinder. 'Maar,' zei Aimée: 'hij was een kunstenaar natuurlijk'. Gelijk heeft ze. Morandi was een kunstenaar. En dat was het begin van een namiddag vol vorm- en kleurplezier. Vorm. Restvorm. En een samenspel van beide. Lievelingskleur. Plus lievelingskleur. (Gelukkig was er geen roze verf!) Tekenen. Stempelen.
De juf viel bijna van haar stoel van verbazing. Bijna.
16.3.11
kleur
Kleine rode gehaakte bol. Symbool voor de menselijke ellende in Japan. Onder de roze bloesem in de blauwe vaas. Kruikje met Delfstblauwe beschildering op een sokkeltje in het atelier. Maagdenpalmblauw ontluikt tussen het groen. Groen in waterige variaties op papier.
Kleur voor verdriet. Gemis. Verwondering. Kleur gezien. Gemaakt. Verzameld in huis.
15.3.11
gedachte
Waar veel licht is, is de schaduw dieper.
Eén uit vele gedachten van Goethe, verzameld in een oud boekje. Frisse bezieling. Zoals de lentedag die voorspeld wordt voor vandaag. Het werken zal aangenaam verlicht worden.
En toch zitten daar ook donkere gedachten in verweven. Het leed dat Japan op dit moment moet dragen, de onzekerheid. Dat laat je niet onberoerd. Dat werpt een langgerekte donkergrijze, bijna blauwzwarte schaduw over deze ochtend.
14.3.11
dorpshuis
Vlakbij het feestgedruis van gisteren staat een oud dorpshuis. Ik heb een vermoeden dat het op het einde van de 19de eeuw is gebouwd. Het staat leeg. Binnen enkele weken wordt het met de grond gelijk gemaakt om plaats te maken voor alweer een opbrengstflat in een klein dorp. Dan kan ik zo inwendig kwaad worden.
Het huis is echt wel in een zeer slechte staat. In jaren niet onderhouden door de eigenaars. En als je erbinnen stapt kan je je moeilijk inbeelden dat er tot vorig jaar een gezin in geleefd heeft.
Dan denk ik. Had ik maar een budget en de energie om hier iets mee te doen. De indeling boven was bijzonder. Een inrijpoort (vroeger voor een koets waarschijnlijk) zou een enig atelier kunnen zijn. Een leefkeuken (en ik zou de ingebouwde kasten bewaren). De oude deur. De vloer. Iemand die weing heeft, denkt misschien meer in mogelijkheden dan hij die uit bezit meer opbrengst wil halen.
Straks is het één groot gat tussen andere huizen. Binnen een jaar staat daar een flat.
Abonneren op:
Posts (Atom)