11.11.09

familiearchief



In ons familiearchief. Een kookschriftje van mijn groottante Estella. Zij bleef ongetrouwd. Woonde in bij mijn grootmoeder tot haar dood.
Als beroep ging zij in het huishouden helpen van rijkere families. Ik herinner mij haar nog.
Historische momenten voor een feest. Handgemaakte kroketten. Het magische moment dat de aardappelpuree in lange staven uit de rolmachine kwam en we die zeer gelijkmatig doorsneden. De staafjes zorgvuldig door eiwit en chapelures haalden, zonder een afdruk van onze vingers na te laten.
Haar confituurtaarten, waar ik soms mocht meehelpen met het versnijden van de lintjes.
Maar hier recepten voor worteltaart, gestoomd brood, moes van bonen, rauw wortelgerecht voor bij den boterham, erwtengehakt, oorlogsmacaroni...
Op de foto staat Estella uiterst links met een dienblad in de hand. De achterzijde van het beeld is onbeschreven gebleven.



8.11.09

'flubbeltje'




Vandaag heb ik goesting om dit dingetje als flubbeltje te verwoorden. Niet zo jong meer. Al drie jaar oud en het huist in de buurt van mijn nachtlamp en literaire nachtvrienden. Het is er de tijd naar om dit even in herinnering te brengen. Toen ik kind was speelden we vaak met de clementines. We maakten de flinterdunne verpakking voorzichtig los, draaiden enkele malen aan de hoekjes en onze clementines gingen rollen. Günter Förg deed hetzelfde met tekenpapier op een ronde kei. Voor een 'blauw feestje' van het kinderatelier maakten we deze tafelversiering. Op een vierkant velletje tekenden we een tegel in Delfts blauw (nee, geen kermisblauw). Draaiden wat aan de uiteinden. Knipten uit blauw dubbelgevouwen papier het silhouet van de kop van een dier en bevestigden dit aan het papier. Rollen maar!
Het 'flubbeltje' was als woord in mijn oren blijven plakken. Deze week. Voortaan zouden bij typische Nederlandse woorden uit het Noorden en het Zuiden een verwijzing komen in de Dikke Van Dale.
Moet dat nou? Dacht ik. Als ik een mooi woord hoor wil ik het gewoon gebruiken. Zonder afkomst. Gewoon over mijn tong laten rollen. Bato mi noe als ik om een omhelzing vraag. Of tjoezemiene, het mooiste woord uit mijn dialect. Staat voor seringen. Sinds ik kind was voel ik duizend zoenen als de boom weer in bloei staat.

Toen ik kind was... had ik heel veel flubbeltjes om te koesteren. En die heb ik nog.

6.11.09

de blauwe zaal










Dinsdag reden we voorbij 'De Singel' in Antwerpen. Een warme gloed komt me overvallen. Sinds enkele weken denk ik heel vaak terug aan die dagen in dit cultuurhuis. Weet niet hoe het komt. Negentientweeënnegentig. Ik had brieven verstuurd of ik mocht schetsen tijdens repetities van orkesten. Verrassend genoeg kreeg ik heel wat reacties. Ik heb toen de keuze gemaakt voor het Nieuw Belgisch Kamerorkest. De momenten dat ik niet moest werken zat ik in de blauwe zaal. Te schetsen. Dit muziekseizoen heb ik meer geleerd dan in mijn grafiekjaren. Alleen al door te luisteren, te horen wat de dirigenten aangaven. Heel fascinerend.
Hoogtepunt voor mij was de repetitie met cellist Anner Bijlsma en violiste Vera Beths. De gedrevenheid van het musiceren vond zijn weerklank in mijn lijnenspel. Maar er was ook de masterclass met mezzo-sopraan Julia Hamari, het dirigeerwerk van Carl Davis (simultane muziek bij een stomme film van Erich von Stroheim) en Giora Bernstein, de repetitie van 'Le visioni di paura' van Wim Hendericx.
Ontmoetingen met passies. Onvergetelijk.








kleine dagen



Ondertussen ligt 'Loerhoek' (van Bernard Dewulf,2006) onder mijn hoofdkussen. Ik laat jullie eens 'loeren'* in mijn kleine dagen. Vakantietijd voor de meisjes en voor mij. Eigen tijd is tot een minimum herleid, de tijd die rest na het taxiën van hier naar daar, tot kwaliteittijd omtoveren. Dat is mijn doelstelling van elke vakantiedag.
We hebben Florence opgehaald van de volleybalstage in Brugge. (de foto is van haar) Ze straalde. Haar grenzen heeft ze weer eens verlegd, haar techniek is bijgeschaafd en dolle pret met vrienden en vriendinnen.
Gisteren heb ik rustig de tijd kunnen nemen om te koken, tussendoor hebben we broodjes gebakken want 's avonds waren we uitgenodigd. Heel bijzondere vriendschap. Ik was ooit de chiroleidster van de mama. Toen we opniew in mijn geboortedorp gingen wonen zat Florence in dezelfde klas als haar dochter en ze werden vriendinnen. Doen naschools veel samen. Tot vorig jaar (nu werk ik op woensdag) hadden we vaak onze woensdagmiddagbabbel met koffietje en iets lekkers. Ik mis het wel, die babbels. Maar dan creëren we andere momenten om eindeloos te praten. En het was weer supergezellig. Digitaaltje gewoon vergeten bovenhalen. Spijtig.

*loeren = scherp kijken - voor mij meer iets als gluren






4.11.09

onverwoestbare vrouwen

deze vrouwen, ze buigen maar ze breken niet... een zinnetje (dat waarschijnlijk niet juist is geciteerd) komt uit een liedje van Stef Bos, over de overwinningsdrang van de vrouwen in Zuid-Afrika. Ik schreef het destijds op onze krijtmuur in de keuken.


Deze week was ik ook aangenaam verrast toen ik voor het eerst de auteur Marie Ndiaye hoorde vernoemen. Ze krijgt de Prix Goncourt voor haar boek 'Trois femmes puissantes'. Ik vrees alleen dat ik nog even moet wachten op de vertaling. Of zou ik het toch eens in het Frans proberen. De taal van vrouwen, is die niet universeel? Leugens, bedrog, vernedering. Drie vrouwen, sterk en op het onverwoestbare af, het kwaad is hun deel. Hoe overleven ze deze periode?


Over vrouwen. Ik las nog in de Standaard (krant) dit weekend een commentaar dat wanneer meer mannen over vrouwen zouden denken als de schrijver van 'Kleine Dagen', het huwelijk meer kans maakt om te overleven. Ik moet het niet verzwijgen, ik heb een lezersboon voor Dewulf. Heb hem vooral ontmoet in zijn drang om te kijken, in het voelen van kleuren en in het ontplooien van het leven van een kunstenaar. Kunstboeken kunnen soms zo elitair historisch zijn; opsommingen van data, zijsprongen in het leven, ontmoetingen. Je slaat je erdoor. Maar bij Dewulf vond ik woorden die me lieten kijken en verrassen. Ik kijk sindsdien met andere ogen. Daar hou ik van. Er is een nieuw boek van hem uit. 'Kleine dagen'. Grote momenten. In kleine woorden. Kleine vrouwen die groot worden. Grote vrouwen die speels klein blijven. Wou dat het al onder mijn hoofdkussen lag.
Gisteren op de boekenbeurs in Antwerpen: nergens zijn boek gevonden. Heb ik zo slecht gekeken? Ik zal het morgen reserveren in de bibliotheek. Jullie horen er nog van.


Andere literatuur op mijn 'long list':
Een vage buitenlander.Terug naar Engeland. Benno Barnard.
De meeuw. Sandor Marai.
Berlijn 1989-2009.Cees Nooteboom.
Dagboek van een dichter. Leonard Nolens.

In het gezelschap van de fotograaf Michiel Hendryckx (hahaahaaa, stond gewoon naast me) bekeek ik twee mooie textielboeken bij uitgeverij Lannoo. Te prijzig (€65) om aan te kopen, maar misschien voor een kadolijstje?
Clothing the house. Furnishing textiles of the 1st millenium AD, from Egypt and neighbouring countries. Cäcilia Fuck.
3500 jaar textielkunst. Antoine De Moor.


Over de kinderboeken, die mijn ogen streelden, later meer.

1.11.09

mijn vader



We denken vandaag aan onze familie en vrienden die zijn gestorven. Maar er gaat geen dag voorbij of ik denk aan mijn vader. Deze dag is er één als elke dag.
Mijn vader. Hij stierf acht jaar geleden aan kanker. Zevenenvijfig jaar. Mijn vader. Toen we voor zijn uitvaart muziek beluisterden en de tranen begonnen te stromen zei Alice (die toen drie was): 'Waarom huilen jullie, opa is toch altijd lief voor ons geweest?' Ja, dat was mijn vader. Lief. Altijd daar. Een vader.
De foto nam ik in mijn studententijd. De leraar vond het negatief niet goed genoeg om af te drukken, te donker. Na zijn dood vond ik deze terug en een goede vriend heeft mijn vader uit het donker gelicht.
Het gedicht maakte ik enkele maanden na zijn dood. Herinneringen aan een zeewandeling toen hij net ziek was. Het water. Dat was de eeuwigheid voor mijn vader.
Het vitrinekastje heeft hij voor mij gemaakt. Na een museumbezoek in Tervuren, bevangen door de nostalgie die het toen uitstraalde, wou ik kleine kastjes met een glaasje voor dat ik kon uitschuiven. Hij maakte het voor me. Mijn pronkcollectie erin wisselde. Sinds acht jaar is het onveranderd gebleven. Het is zijn herinneringskastje geworden. Alleen af en toe een bloem erbij, overblijfsel van mooie feesten waar hij niet bij kon zijn, een scherf, 'borstbeeld'... Het enige wat wisselt. Mijn vader.