10.2.12

tussen




















Een vrijdag met tussens. Tussen werken en rusten. Binnen of buiten. Koud en warm. Lezen of luisteren. Tussen dus. En niet altijd kunnen kiezen.

7.2.12

winter





















Binnen en buiten.


6.2.12

mop






HET IS SCHILDERLES  DE MEESTER KIJKT NAAR IEMAND ZIJN WERK EN ZEGT  JONGEN TOCH IK ZIE ALEEN EEN KOE  JONGEN: MAAR MEESTER TOCH BENT U BLINT? BIJ DE KOE IS GRAS  MEESTER: IK ZIE GEEN GRAS  JONGEN: KAN IK DAARAAN DOEN DAT DIE KOE DAT GRAS OP GEGEETEN HEEFT!

Voor het kinderatelier begon, vertelde Emma me een kunstmop. Ik onthou geen moppen. Daarom schreef ze het tussendoor voor me op. Om nooit meer te vergeten.



3.2.12

souvenir




Alsof ik met hompen vlees aan het werken ben.

voor marie





















Als een lief kind jou vraagt of je iets in haar poëziealbum wilt tekenen, dan zeg je zonder nadenken volmondig ja. Ik toch.
Voor Marie. Van het bos, de uil en mij. Met een zoen van de juf.

2.2.12

gebundeld





















en opgehangen in het kinderatelier

1.2.12

warmte





















Mijn rug heeft nog even de tijd nodig om zich op te warmen. Ik was kort buiten (zonder jas). In huis is het warm en het zonlicht dat binnen valt toont alles nog warmer.

Wij hebben een dak boven ons hoofd. Dat er zoveel mensen zijn die daarnaar op zoek moeten. Dat daar weer over geruzied wordt. Op hoog niveau. Winter na winter na winter.